Gefaseerde transformatie van een dorpsschool tot compacte campus
De lange voorbereidingstijd werd niet louter ervaren als vertraging, maar als ontwerpmatige opportuniteit. Het uiteindelijke plan zet in op compact bouwen, maximaal behoud van bestaande structuren en het vrijwaren van aaneengesloten buitenruimte. De campus werd herleid tot een leesbare configuratie waarin circulatie, programmatische clustering en brandcompartimentering logisch op elkaar aansluiten. Renovatie en uitbreiding worden daarbij niet als afzonderlijke ingrepen benaderd, maar als complementaire onderdelen van één ruimtelijke strategie.
Ruimtelijke en energetische kern
Centraal in de herstructurering staat een nieuw scharniervolume dat de relatie tussen straat, klasvleugels en speelplaats herdefinieert. Dit volume centraliseert de collectieve functies en fungeert als ruimtelijke spil van de campus. Het omvat de refter en polyvalente ruimte, klaslokalen voor het vijfde en zesde leerjaar en de lerarenkamer. Tussen de bovenbouwklassen werd een flexibele tussenruimte geïntegreerd die inzetbaar is voor co-teaching en gedifferentieerd werken, waardoor een open leerlandschap ontstaat.
Constructief werd gekozen voor een rationele draagstructuur en een performante gebouwschil. Isolatie, luchtdichtheid en koudebrugbeperking beperken de energievraag structureel. De nieuwbouw werkt met lage-temperatuurafgifte, gekoppeld aan een collectieve warmteproductie met zoneregeling per bouwdeel. Hierdoor wordt niet alleen het comfort verhoogd, maar ook de energetische efficiëntie geoptimaliseerd. Bijzondere aandacht ging naar akoestiek, in het bijzonder in de refter en polyvalente ruimte, waar materiaalkeuze en absorptiewaarden werden afgestemd op multifunctioneel gebruik door grote groepen.
Constructief werd gekozen voor een rationele draagstructuur en een performante gebouwschil
Renovatie als structurele opwaardering
Parallel aan de uitbreiding ondergingen de bestaande gebouwen een grondige renovatie. Daarbij werd ingezet op maximaal structureel behoud. Dragende wanden en hoofdstructuren bleven behouden, terwijl de interne organisatie werd hertekend en de circulatie geoptimaliseerd. Het buitenschrijnwerk werd vervangen en de thermische schil verbeterd, zodat de gebouwen beantwoorden aan hedendaagse comfort- en energie-eisen.
Een essentieel onderdeel van de ruimtelijke herwerking is de introductie van middenlokalen. Zowel in de kleuterafdeling als in het lager onderwijs worden klaslokalen gekoppeld aan een centrale tussenruimte. Deze ruimtes functioneren als gedeelde leerzones voor groepswerk, differentiatie of tijdelijke uitbreiding van klasactiviteiten. De klassieke, cellulaire schooltypologie wordt zo opengebroken en vervangen door een flexibel netwerk van leerplekken. Architectuur ondersteunt hier expliciet pedagogische flexibiliteit en laat toekomstige aanpassingen toe zonder ingrijpende structurele werken.
Hybride technieken en toekomstgerichtheid
Het techniekenconcept combineert nieuwbouwinstallaties met optimalisatie van bestaande systemen en is modulair opgevat. In de nieuwe volumes wordt systeem D-ventilatie toegepast, terwijl in de gerenoveerde delen de ventilatie werd verbeterd binnen de bestaande randvoorwaarden. De combinatie van lage-temperatuurafgifte in de nieuwbouw met bestaande radiatoren in de renovatiezones illustreert een pragmatische integratie van oud en nieuw.
Installatiezones werden bovendien voorbereid op toekomstige uitbreidingen, zoals bijkomende fotovoltaïsche panelen of verdere elektrificatie van de warmteproductie. Het gebouw wordt zo niet enkel afgestemd op de huidige normering, maar ook op mogelijke toekomstige verstrengingen. De technische infrastructuur fungeert als adaptief kader dat kan meegroeien met technologische evoluties.
Klimaatrobuuste buitenruimte
De heraanleg van de speelplaats vormt een volwaardig onderdeel van het project. De voormalige verharde vlakte werd getransformeerd tot een klimaatrobuust buitenleerlandschap waarin infiltratiezones, groenstructuren en speelnatuur centraal staan. Door selectief te ontharden en regenwater lokaal te bufferen en infiltreren, wordt het waterbeheer verbeterd en het microklimaat versterkt. De buitenruimte fungeert niet langer als louter recreatieve zone, maar als pedagogisch verlengstuk van het gebouw. De landschappelijke ingrepen dragen bij aan biodiversiteit, schaduwvorming en thermisch comfort en versterken de relatie tussen binnen en buiten.
Gefaseerde uitvoering
De uitvoering vond plaats in een strikt gefaseerde context waarbij de school continu in gebruik bleef. Een duidelijke scheiding tussen werf- en schoolcirculatie, tijdelijke toegangen en zorgvuldig geplande technische omschakelingen tijdens vakantieperiodes beperkten de hinder. Prefabelementen en droge afbouwtechnieken verkortten de bouwtijd.
De fasering was niet enkel een logistieke noodzaak, maar integraal onderdeel van het ontwerp. Elke fase behield een autonome leesbaarheid zonder de eindvisie te compromitteren. De transformatie van Vrije Basisschool Mikado toont hoe een kleinschalige dorpsschool via structureel behoud, gerichte nieuwbouw en geïntegreerde klimaatadaptatie kan uitgroeien tot een compacte, performante campus. Niet de schaal van de ingreep, maar de coherentie tussen ruimtelijke, technische en landschappelijke keuzes bepaalt hier de architecturale kwaliteit.