Van gesloten schoolblok naar open, duurzame stadscampus
Een echte stadscampus
Campus Galileo ligt op een doorlopend binnenstedelijk perceel tussen de Koningsstraat en de Poststraat in Schaarbeek, op een strategische locatie nabij het Brusselse stadscentrum. De bestaande gebouwen hadden een uitgesproken institutioneel karakter, met beperkte relatie tot de omgeving en waren weinig doorwaadbaar voor buurtbewoners en studenten.
Met de renovatie en uitbreiding werd ingezet op het uitbouwen van een echte stadscampus, met nieuwe toegangen, zichtlijnen en een publieke sokkel. De duidelijke adressering aan zowel Koningsstraat als Poststraat versterkt de inbedding in het stedelijk weefsel en maakt de campus leesbaar en uitnodigend voor studenten, buurtbewoners en bezoekers.
Ruimtelijk concept rond een groene binnentuin
Atelier d’architecture Matador tekende een ruimtelijk concept waarin uitbreiding en renovatie elkaar versterken. Aan de Poststraat vult een nieuwe vleugel een bestaande “tand” in het straatprofiel op, waardoor een aanvullend straatfront en een bijkomende toegang ontstaan.
Een tweede, langgerekte vleugel verbindt de Koningsstraat met de Poststraat en vervolledigt de typologie van gebouwen rond een binnenhof. Tussen de bestaande volumes en de nieuwbouw ontstaat zo een genereuze binnentuin, waarin een geklasseerd historisch huis met bijgebouw een prominente plaats behoudt.
De configuratie creëert een duidelijke hiërarchie van buitenruimten: stedelijke voorruimten langs de hoofdstraten, een meer collectieve campusruimte en een beschutte, groene binnentuin. De tuin fungeert als scharnier tussen het meer institutionele volume langs de Koningsstraat en de residentiële schaal van de aangrenzende bebouwing.
Geconsolideerde leer- en leefomgeving
De vernieuwde campus herbergt de opleidingen van EPHEC – de school staat voor hoger onderwijs op het gebied van onderwijs, gezondheidszorg en technologie – tot één geconsolideerd onderwijsplatform. Op de onderste niveaus zijn publieke en semi-publieke functies ondergebracht, zoals cafetaria, learning center en informele ontmoetingsruimten, die rechtstreeks aansluiten op de straten en de binnentuin.
Hoger in het gebouw bevinden zich klaslokalen, projectruimten en vakgebonden voorzieningen, waaronder een simulatiecentrum voor gezondheidsopleidingen. De twee bestaande woningen op de site worden herbestemd voor algemene diensten en administratie, waardoor de campus programmatisch fijnmazig in het woonweefsel verankerd blijft.
Een bijzonder element is het “belvédère”: een groot dakterras met uitzicht op de Zennevallei, inzetbaar als buitenklas, evenementenruimte en informele ontmoetingsplek. Daarmee verschuift Campus Galileo van louter functionele onderwijsinfrastructuur naar een veelzijdige leer- en leefomgeving voor een stedelijke community.
Rol van bouwheer, architect en aannemer
Haute Ecole Galilée trad op als bouwheer en inhoudelijke motor van het project, door verschillende opleidingen en diensten op deze campus te clusteren. Atelier d’architecture Matador ontwikkelde het architecturale concept van de uitbreiding in twee complementaire volumes (groene binnentuin en publieke sokkel) met bijzondere aandacht voor erfgoed, circulaire ingrepen en stedelijke integratie.
Jacques Delens stond als hoofdaannemer in voor de uitvoering van de nieuwbouw en de grote renovaties, inclusief de integratie van bestaande gebouwen en het geklasseerde huis. De nauwe samenwerking tussen bouwheer, architect en aannemer resulteerde in een robuuste, flexibele onderwijsinfrastructuur die toekomstbestendig is en tegelijk sterk verankerd blijft in de context.
Structuur, flexibiliteit en duurzaamheid
Technisch is de uitbreiding opgevat met een rationele dragende structuur en onafhankelijke schil, die maximale aanpasbaarheid op lange termijn mogelijk maakt. Dankzij een doordacht kolomraster, overspanningen afgestemd op onderwijsprogramma’s en niet-dragende binnenwanden kunnen klas- en werkruimten eenvoudig herverdeeld worden.
De programmatische organisatie versterkt deze flexibiliteit: een publieke sokkel met collectieve functies en daarboven meer specifieke onderwijs- en onderzoeksruimten. Zo kunnen toekomstige noden – extra co-working, labo’s of hybride leeromgevingen – worden opgevangen zonder ingrijpende structurele werken.
Duurzaamheid manifesteert zich op meerdere niveaus. Energetisch wordt gekozen voor compacte volumes, een performante schil en efficiënte technische installaties, terwijl de stedelijke ligging ‘zacht vervoer’ stimuleert. Circulair denken vertaalt zich dan weer in het behoud en de herbestemming van bestaande gebouwen, waaronder het geklasseerde huis, dat zowel identiteit als bruikbare oppervlakte toevoegt.